project: Ministerie van Defensie
locatie: Kalvermarkt, Den Haag
architect: Ellen Sander
client: Rijksgebouwdienst
bruto vloeroppervlak: 41.114 m²
jaar: 2011

MINISTERIE_THUMBNAILS
images (12)
PROT_TvdH20120619-107
Sander Arch. Min Van Defensie
exploded
Untitled-3_1
previous arrow
next arrow

Het door Ellen Sander ontworpen glazen dak overspant de binnentuinen van het Ministerie van Defensie als een camouflage­net. De betonnen constructie met piramidale daklichten in composietmateriaal is zorgvuldig en innovatief vormgegeven. Door intensieve samenwerking in een vroeg stadium van het ontwerpproces is een bijzonder integraal resultaat bereikt.

De kernafdeling van het Ministerie van Defensie is gevestigd in meerdere gebouwen aan Het Plein en de Kalvermarkt in Den Haag. In het kader van een grootschalige renovatie zijn de binnentuinen tussen vier gebouwen overdekt. Deze ingreep maakt deel uit van een volledig nieuwe organisatie van het gebouwencomplex.

De interne circulatie is verbeterd door nieuwe trappen en liften. Daarnaast is het bruikbare vloeroppervlak vergroot door het benutten van kelders en daken. Het gehele complex is gemoderniseerd, zowel architectonisch als op het gebied van elektrotechnische en werktuigbouwkundige installaties.

Naast een monumentaal 18e-eeuws rijksmonument bestaat het ministerie uit meerdere gebouwen van rijksbouwmeesters Friedhoff en Hoekstra, aangevuld met latere uitbreidingen. Friedhoff introduceerde de zogenoemde percentageregel, waarbij 1% van de bouwkosten wordt besteed aan kunst. Hierdoor is de gevel van het hoofdgebouw aan de Kalvermarkt voorzien van beeldhouwwerk.

De verbinding tussen de gebouwen van Friedhoff en Hoekstra is vormgegeven met een opengewerkt bakstenen ornament, waarin glas-in-loodramen zijn geplaatst. Het zeshoekige patroon van dit ornament is tijdens de renovatie opnieuw toegepast in diverse toevoegingen, zoals geperforeerde trapbalustrades, de zeefdruk op de glazen daklichten en de radiatorombouwen.

Een van de belangrijkste ingrepen in het project is het overkappen van de vier onderling verbonden binnentuinen. Het dak is gesitueerd tussen de begane grond en de eerste verdieping, waardoor de bovengelegen verdiepingen kunnen blijven profiteren van daglicht en natuurlijke ventilatie. Vanuit deze verdiepingen is bovendien zicht op de bovenzijde van het dak.

De ruimte onder het circa 2.000 m² grote dak fungeert als entreegebied en biedt plaats aan onder andere een conferentiecentrum en een fitnessruimte.

Bij het ontwerp liet architect Ellen Sander zich inspireren door het thema defensie. Dit resulteerde in een dak dat doet denken aan een camouflage­net. In tegenstelling tot veel hedendaagse glazen overkappingen is hier niet gekozen voor maximale transparantie, maar voor een uitgesproken sculpturale vorm. Het dak combineert robuustheid met verfijning.

De diagonale belijning, onder een hoek van 45 graden ten opzichte van de gevels, voorkomt ruimtelijke conflicten doordat de bestaande gevels niet haaks op elkaar staan en ieder een eigen maatvoering hebben. Tegelijkertijd draagt deze vorm bij aan het visueel verbinden van de verschillende bouwdelen.

De interne circulatie is verbeterd door nieuwe trappen en liften. Daarnaast is het bruikbare vloeroppervlak vergroot door het benutten van kelders en daken. Het gehele complex is gemoderniseerd, zowel architectonisch als op het gebied van elektrotechnische en werktuigbouwkundige installaties.

De dragende kolommen onder het dak lijken op het eerste gezicht willekeurig geplaatst, als bomen in een bos. Deze positionering is echter het resultaat van een zorgvuldig iteratief ontwerpproces. In meerdere ontwerpsessies is gezocht naar een optimale balans tussen daglichttoetreding en de elegantie van de dakconstructie.

Met behulp van fysieke modellen en computerberekeningen zijn de maximale balkhoogtes en -breedtes vastgesteld. Een deel van het balkrooster is op ware grootte uitgevoerd in een polystyreen schuimmodel, dat ter plaatse in een van de binnentuinen is beoordeeld en geoptimaliseerd.

Uitgaande van een maximale wapeningsgraad en hoogwaardig beton (C53/65) bepaalde de constructeur de maximale krachten en overspanningen. Vervolgens zijn in een iteratief proces de meest geschikte posities voor de kolommen bepaald. Deze staan op enige afstand van de bestaande gevels, waardoor het dak aan de randen uitkraagt. Dit is constructief gunstig voor de doorbuiging en momentverdeling.

De uiteindelijke, ogenschijnlijk willekeurige, plaatsing van de kolommen is het resultaat van een samenspel tussen variatie en berekening, en vormt een omkering van de gebruikelijke bouwmethodiek.

Een deel van de begane grond in de entreezone is verwijderd om de kelder bij de entree te betrekken. Hierdoor is een verdiept entreegebied ontstaan, waar verschillende algemene functies omheen zijn gegroepeerd.

In dit gebied zijn de kolommen hoger en rusten zij op de keldervloer. Voor deze kolommen was geen nieuwe paalfundering nodig; de keldervloer is versterkt met een drukverdelende betonlaag die tevens als wapening fungeert. Dit was noodzakelijk om de opwaartse grondwaterdruk te weerstaan. De kolommen op maaiveldniveau zijn wel voorzien van nieuwe geboorde paalfunderingen.

De organisch gevormde kolommen zijn geprefabriceerd door De Jong Beton. Aan de bovenzijde van iedere kolom bevindt zich een kroon met vier balkopleggingen, waarin groeven zijn aangebracht voor smalle voegen.

Het balkrooster tussen de kolommen is in het werk gestort met zelfverdichtend beton van hoge kwaliteit. Hiervoor is uiterst nauwkeurige polyester bekisting gebruikt. Ter plaatse van de kolommen zijn openingen in de bekisting aangebracht.

De prefab kolommen zijn van bovenaf door deze openingen geplaatst, waarna de verbindingsdelen in het werk zijn gestort. Hierdoor vormen dak en kolommen samen één monolithische constructie. Dezelfde polyester mallen zijn gebruikt voor zowel de prefab onderdelen als de in het werk gestorte delen.

Na het ontkisten is het beton geprimerd en afgewerkt met een matte, witte elastische coating. De voegen zijn onzichtbaar weggewerkt en herstelwerkzaamheden waren nauwelijks nodig. De matte afwerking geeft het beton een zachte, sobere uitstraling.

Het betonnen dakrooster is voorzien van een secundair raster van piramidale daklichten met een afmeting van 2,40 × 2,40 meter. De daklichten in het midden van het dak zijn hoger dan die aan de randen, wat zorgt voor een subtiel golvend effect.

De daklichten zijn ontwikkeld door Smit Kunststoffen en uitgevoerd in composiet kunststof. De meeste daklichten zijn voorzien van driehoekige glaspanelen; op enkele plekken is het raster open gelaten, bijvoorbeeld boven de laadperrons. Beglazing, verlichting en hemelwaterafvoer zijn volledig geïntegreerd in de daklichten.

Met behulp van 3D-software zijn modellen ontwikkeld die met CNC-techniek zijn gefreesd. Op basis hiervan zijn polyester mallen vervaardigd. Om dezelfde matte uitstraling als het beton te verkrijgen, is gekozen voor een nevelachtige oppervlaktestructuur. Door toepassing van de gesloten-malmethode (RTM) ontstond een sterk composiet product dat voldoet aan de eisen voor vormvrijheid, sterkte, thermische isolatie en brandwerendheid

De beloopbare beglazing van het dak heeft een totale dikte van 33 mm en bestaat uit een buitenruit van 10 mm gehard, geëmailleerd zonwerend glas, een gasgevulde spouw van 15 mm en een gelamineerde binnenruit van twee lagen thermisch versterkt glas.

De glasplaten zijn in groeven in de composiet daklichten geplaatst en constructief verlijmd. Het glas is voorzien van een zeefdruk met een zeshoekig patroon, geïnspireerd op het ornamentale baksteenreliëf van Friedhoff. Deze zeefdruk beperkt overmatige warmte-instraling.

De glasplaten zijn ter plaatse getest met een zandzakproef, waarbij een belasting van 50 kg vanaf een hoogte van minimaal 0,7 meter op een daklicht is losgelaten.

Langs de randen van het dak zijn brede randbalken aangebracht. De aansluiting op de verticale gevels is uitgevoerd met beglazing met een brandwerendheid van 60 minuten, ter voorkoming van brandoverslag.

Locatie: Kalvermarkt, Den Haag
Opdrachtgever: Rijksgebouwendienst, Den Haag
Gebruiker: Ministerie van Defensie, Den Haag
Architect: Sander Architecten, Amsterdam
Tekenwerk & projectmanagement: VDNDP Bouwingenieurs, Amsterdam
Constructeur: Pieters Bouwtechniek, Delft
Brandveiligheid & bouwfysica: DGMR, Rijswijk
Constructief advies dak: Bijzonder Bouwkundig, Alkmaar
Hoofdaannemer: Heijmans Utiliteitsbouw, Rosmalen
E- en W-installaties: Homij, Nieuwegein
Prefab beton: De Jong Betonfabriek, Alphen
Composiet kunststof: Smit Kunststoffen, Alkmaar
Glasleverancier: Scheuten Absoluut Glastechniek, Venlo
Bruto vloeroppervlak: 41.114 m²
Oplevering: december 2011